Workshops

Het workshopprogramma is bevestigd. Dit jaar is er keuze uit ruim 20 unieke workshops!

Workshop Ronde 1 Ronde 2
Curriculum x
Begrijpend lezen (VOL) x
Executieve functies x
Zo leer je kinderen lezen en spellen x x
Effectief handschriftonderwijs x x
Voorbeeldles EDI x x
Groepscode x
Zo leer je kinderen rekenen (VOL) x
Autisme in de klas x
Werkgeluk x
Kansengelijkheid x
Positive Behavior Support x
Selectief mutisme x
Met plezier naar school x
Samenwerken aan onderwijsverbetering x
TOS in de klas x
Dyscalculie in de klas x
De IB’er als kwaliteitscoördinator x
Zicht op differentiëren x
Wijzer in Werkvormen x
Scholen op scherp x

Hieronder vind je uitgebreide beschrijvingen van alle workshops. Er ontbreken er nog een aantal, deze worden in de komende tijd toegevoegd.


Curriculum
Workshopleider: Erik Meester
(Ronde 2)

Naast goede leraren en schoolleiders is een samenhangend curriculum ook een fundamenteel kenmerk van goed presterende onderwijssystemen. In deze sessie wordt concreet uiteengezet hoe je een samenhangend curriculum op school kunt realiseren, met behulp van de belangrijkste wetenschappelijke inzichten op het gebied van curriculumtheorie, curriculumontwerp en curriculumimplementatie. Hiermee worden onderwijsprofessionals uitgedaagd om hun denken over onderwijsontwikkeling naar een hoger (van klas- naar school)niveau te brengen. Natuurlijk worden er ook allerlei suggesties (bv. werkwijzen en bronnen) geboden om hier zelf in de praktijk mee aan de slag te gaan.


Begrijpend lezen: een complexe zaak!
Workshopleider: Marita Eskes
(Ronde 1)

Goed kunnen lezen is noodzakelijk anno 2023. Zonder een voldoende niveau van geletterdheid, kun je in de huidige maatschappij niet meedraaien. Toch blijkt dat veel leerlingen onvoldoende geletterd zijn in Nederland en met leesproblemen de basisschool verlaten. Overal wordt geschreven over (de zorgelijke situatie rondom) het Nederlandse leesonderwijs, maar op de werkvloer lijkt het tij op veel scholen maar moeilijk te keren.

Problemen doen zich zowel voor op technisch leesgebied als op het gebied van begrijpend lezen. Waar het technisch lezen met behulp van veel goede instructie, oefening en herhaling vrij vlot verbeterd kan worden, is het goed begrijpen van complexe teksten een ander verhaal. In deze workshop worden ingezoomd op wat leesbegrip is, hoe dit ontstaat en met welke zaken in het onderwijs rekening gehouden moet worden wanneer je de leesresultaten van leerlingen wilt verbeteren. Scholen denken soms middels het aanschaffen van een nieuwe leesmethode de leesproblemen op te lossen, maar niets is minder waar: leerlingen komen in hedendaagse lesmethodes lang niet meer altijd in aanraking met goede, uitdagende en complexe teksten. Bovendien hebben we ons onderwijs te lang gericht op het aanleren van leesstrategieën, terwijl onderzoek al jarenlang aantoont dat het inzoomen op de inhoud van de tekst veel belangrijker is.

In deze workshop wordt je meegenomen in…

  • De vraag welke facetten een leerling tot een goede lezer maken;
  • Keuzes die je als school hebt om het onderwijs in begrijpend lezen vorm te geven;
  • Het belang van goede, sterke teksten met leerlingen en de instructie van de leraar.

Op zoek naar meer informatie over hoe het begrijpen van teksten in elkaar zit en kun je wel wat tips gebruiken waar je morgen samen met je collega’s al mee aan de slag kunt? Volg dan deze workshop. Want sámen werken we aan een geletterde generatie.


Executieve functies, gedrag en leren
Workshopleider: Anton Horeweg
(Ronde 1)

Executieve functies sturen je gedrag en je leren aan. De ontwikkeling van executieve functies gaat niet bij iedereen even snel. Er zijn grote verschillen tussen kinderen en dat zie je terug in gedrag en leren. Zo blijkt dat een zwak werkgeheugen, concentratie en afleidbaarheid sterk verbonden zijn. Kinderen met deze problemen worden vaker betiteld als lastige leerlingen. Leraren kunnen echter veel doen om deze leerlingen te helpen.

Zwakkere executieve functies komen overigens niet alleen voor bij je leerlingen. Ook bij leerkrachten. Dat laat Anton Horeweg je ervaren in deze interactieve lezing. Daarnaast hoor je in deze interactieve bijeenkomst natuurlijk wat je op pedagogisch en didactisch gebied kunt doen om deze leerlingen te ondersteunen.


Zo leer je kinderen lezen en spellen
Workshopleiders: José Schraven en Maureen Grevink
(Ronde 1 en 2)

Inhoud
‘Zo leer je kinderen lezen en spellen’ is een preventieve instructiemethodiek met als doel het eigen handelen effectiever te maken. Het is een denkkader over de opbouw van het lezen en spellen voor de professional en kan bij iedere methode gebruikt worden. Het gaat zowel om de inhoud (basiskennis van de elementen van lezen en spellen) en vorm van de instructie als het modelgedrag van de professional. Inzicht in het lees-spellingproces is een noodzaak om heldere sobere instructie te kunnen geven, zowel in de klas als bij een individuele behandeling.
De inhoud beslaat groep 2 tot en met 8. Men bouwt altijd verder op wat eerder geleerd is. Er ontstaat een heldere rode draad door de school. Door de eenduidige taal wordt verwarring bij kinderen voorkomen.
Tevens biedt de methodiek een denkkader om gericht naar methodes, materialen en toetsen te kijken.

De methodiek richt zich op de instructieles. Binnen deze instructieles staan de oefeningen die direct met lezen en spellen te maken hebben centraal. Dit worden de kernonderdelen genoemd.

Uitgangspunten:
– Heldere, eenduidige stapsgewijze instructie vooraf om falen te voorkomen. Daarna volgen inoefening en gerichte feedback. Zo ervaren kinderen succes, wat weer een belangrijke motivatie is om plezier in het leren te hebben en te houden.
– Groepsgerichte aanpak zodat alle kinderen op de hoogte zijn van de basisinformatie
– Herhaling. Elke dag komen de vaste onderdelen in de instructieles terug.
– Spelling vraagt vanaf de eerste week in groep 3 tot in de hogere groepen eigen instructie –en oefenmomenten.
– Differentiatie per kernonderdeel in moeilijkheidsgraad en meer of minder visuele of motorische ondersteuning zodat er adaptief gewerkt kan worden.
– Klanksynthesebenadering in de klankzuivere periode .
– In de niet-klankzuivere periode vanaf de tweede helft groep 3 en de hogere groepen worden de woorden geordend op overeenkomstige lees- of spellingwijze (= categorie). Bij elke categorie komt een regel of denkwijze. Door middel van de ordening krijgen de kinderen een denkkader aangeboden. (spellinggeweten)
– Samenhang lees- en spellingonderwijs. De samenhang is voor lezen uitgewerkt in Lezen groep 4 en 5 (Pica).
– Multi-sensoriële aanpak. Het visuele, auditieve en motorische kanaal wordt zoveel mogelijk ingeschakeld.

Deze methodiek geeft zowel de kinderen als de professional houvast bij lezen en spelling, omdat aangegeven wordt hoe het uitgevoerd kan worden en wat de opbouw van het Nederlands is. Dit zien we dan ook terug in de resultaten van veel scholen in de klassen, bij dyslexiebehandelingen en in de onderzoekgegevens van Prof. Dr. A.M.T. Bosman (Radboud Universiteit Nijmegen).
Voor meer informatie (artikelen, resultaten, tips etc.) kunt u kijken op: www.zoleerjekinderenlezenenspellen.nl


Effectief handschriftonderwijs
Workshopleider: Freek Turlings
(Ronde 1 en 2)

Hoe kan het dat leerlingen vandaag de dag de basisschool verlaten met zulke verschillende handschriften, waarvan bovendien een aanzienlijk deel niet (prettig) leesbaar is? Los van bijvoorbeeld leerkrachtentekorten en afgenomen oefentijd speelt er een fundamentelere kwestie, namelijk hoe we tegen de aard van de handschriftvaardigheid zelf aankijken. De meeste methodemakers en lerarenopleiders gaan er immers (onbewust) vanuit dat het handschrift een persoonlijke en natuurlijke bewegingsvaardigheid is. Het gevolg hiervan is echter dat vakinhoudelijke kennis over het vormgeven van letters meer en meer uit het handschriftonderwijs is verdwenen. Hierdoor moeten leerlingen zelf ontdekken hoe ze tot een goede lettervormgeving kunnen komen, en helaas is niet iedere leerling daar even succesvol in.

In deze workshop maak je kennis met een alternatieve benadering waarmee je iedere leerling een functioneel handschrift kunt aanleren. Deze houdt kortgezegd in dat je als leerkracht expliciete instructie en feedback gaat geven op de vormgevingskenmerken van letters. Daarnaast bespreken we welke lettersoort – verbonden of onverbonden – het meest geschikt is voor de aanleerfase van het handschrift, hoe je kleuters effectief kunt voorbereiden op deze aanleerfase en hoe je het handschriftonderwijs in de bovenbouw uitdagend kunt houden. Tenslotte ga je enkele werkvormen zelf uitproberen.


Voorbeeldles EDI
Workshopleider: Marcel Schmeier
(Ronde 1 en 2)

Een EDI-les is interactief, activerend en leerzaam. Veel leerkrachten gebruiken de lesfasen en technieken van EDI daarom in hun reken- en taallessen. Maar hoe gebruik je EDI in je zaakvakken waarin je vooral feitenkennis onderwijst? Hoe geef je een effectieve aardrijkskunde-, geschiedenis- of biologieles volgens het EDI-model? In deze workshop neemt trainer Marcel Schmeier je op een bijzondere manier mee in het effectief onderwijzen van feitenkennis.  In deze sessie neem je namelijk als leerling deel aan een les en neemt de trainer de rol aan van leraar. Op deze wijze ervaar je zelf de kracht van de lesfasen en technieken van het EDI-lesmodel. De les wordt regelmatig stilgelegd, zodat je aantekeningen kunt maken voor je eigen lespraktijk en de trainer de gebruikte technieken kan toelichten. Neem plaats in de schoolbankjes en ervaar hoe een les volgens het EDI-model eruitziet. Petjes af, telefoons uit en kauwgom in de vuilnisbak.


De Groepscode
Workshopleider: René van Engelen
(Ronde 2)

Een goede investering in de groep is een investering in de schoolcarrière van individuele leerlingen.

In deze workshop geeft Van Engelen inzicht in de vele aspecten van groepsvorming, en krijg je handvatten om deze processen succesvol te kunnen beïnvloeden. Aan de orde komt welke zaken van invloed zijn op de groep, zowel in positieve als in negatieve zin. Er is ook aandacht voor het omgekeerde: de invloed van de groep op onder andere het leren, want er is een nadrukkelijk verband tussen de sfeer in de groep (de sociale eenheid) en het leerproces. Bij groepsdynamiek speelt ook de leeftijdsfase van de kinderen een rol. Verder komt het werken met en in de groep uitgebreid aan bod; want als leraar werk je niet alleen met de groep, maar ben je er zelf ook op een unieke manier onderdeel van.

‘In De groepscode laat René van Engelen zien dat hij als deskundige op het gebied van groepen een enorme ontwikkeling heeft doorgemaakt. Het boek geeft een groot aantal nieuwe inzichten en is gebaseerd op betrouwbare, uiterst relevante bronnen uit binnen- en buitenland.’ – Kees van Overveld


Zo leer je kinderen rekenen
Workshopleiders: Douwe Sikkes en Loe van der Leeuw
(ronde 2)

In deze workshop vertellen Douwe Sikkes en Loe van der Leeuw hoe je de basiskennis en vaardigheden van het rekenen kunt leren. Douwe gaat het hebben over de ontstaansgeschiedenis en de uitgangspunten van onze methodiek. Loe zal het hebben over de “visie” op het vak rekenen. Hij zal zijn devies ‘Goede didaktiek is goede pedagogiek’ nader toelichten. En daarmee nader ingaan over het hoe en waarom automatiseren. Ter afsluiting gaat Douwe – afhankelijk van het aantal deelnemers  – rekenstappen oefenen met de bal.


 Kinderen met autisme motiveren in de klas
Workshopleider: Kobe Vanroy
(ronde 2)

Kinderen en jongeren met autisme krijgen elke schooldag allerlei activiteiten voorgeschoteld.. Sommige van die opdrachten, taakjes of bezigheden verlopen soepel en zonder problemen, maar bij andere merken onderwijsprofessionals weerstand. ‘Hij wil niet’, ‘Ze vindt het maar stom’, ‘Alles is saai’, ‘Het boeit hem niet’ … Ondanks goede bedoelingen van begeleiders, duiken weleens motivatieproblemen op.

Tijdens deze workshop gaat Kobe Vanroy dieper in op het inspirerende kader van de zeefdeterminatietheorie: wat brengt leerlingen met autisme in beweging en hoe kunnen we dit in de klas stimuleren? We focussen op de belangrijkste fundamenten van motiverend, autismevriendelijk onderwijs: duidelijke communicatie, voorspelbaarheid en controle.


Werkgeluk
Workshopleiders: Paul Baan & Maike Douglas-Westland
(Ronde 2)

Het lerarentekort gaat niet alleen over het vergroten van de instroom van nieuwe leerkrachten. Het gaat óók over het zuiniger zijn op al die professionals die al dit prachtige vak beoefenen. Het goede nieuws is dat we heel goed weten hoe dat te organiseren. Sterker nog, er zijn al scholen die het werkgeluk van leerkrachten al op heel hoog niveau hebben. Scholen, waar leerlingen overgaan en leerkrachten blijven zitten. Tijdens de sessie vertelt Paul Baan over hoe een school kan zorgen voor meer werkgeluk voor leerkrachten.

En dan gaat het over jou, de leerkracht! In de sessie vertelt Maike Douglas-Westland hoe je zelf ervoor zorgt dat je die gelukkige leraar wordt. Onder andere door voor jezelf op te komen, je mening te geven en goed beslagen ten ijs te komen. Je leert jezelf opstellen als de professional die je bent waardoor je je eigen werkdruk kunt verlagen en ook goed voor jezelf kunt zorgen. Jij moet vol energie je vak uit kunnen oefenen. Ze vertelt je ook hoe je medestanders binnen je team kunt opzoeken en hoe je het gesprek met ze opent.


Kansengelijkheid
Marijke van Vijfeijken
(Ronde 1)

Kansengelijkheid is een belangrijk thema in het onderwijs. Kinderen van hoogopgeleide ouders hebben meer kans op een succesvolle schoolloopbaan dan hun leeftijdsgenoten, met een vergelijkbare aanleg of prestaties, die minder geschoold zijn. Het maakt voor je schoolcarrière nogal wat uit waar je wieg heeft gestaan, met welke taal je opgroeit of welk opleidingsniveau je ouders hebben. Al kunnen leraren zeker niet alleen het kansengelijkheidsprobleem oplossen, zij zijn wel een belangrijke sleutel om de kansen voor leerlingen te vergroten. Keuzes die leraren maken kunnen leerlingen net dat zetje geven waardoor hij of zij betere kansen krijgt.

In deze interactieve workshop wordt inzicht gegeven in oorzaken van ongelijke kansen én wordt aandacht besteed aan (bewezen) interventies die een bijdrage leveren aan het verbeteren van kansengelijkheid. Met behulp van casussen en dilemma’s word je uitgedaagd om te reflecteren op jouw eigen opvattingen over onderwijs en gelijke kansen. Ook krijg je tips die je direct kunt toepassen om de kansen voor jouw leerlingen in de klas te vergroten.


Positive Behavior Support
Workshopleider: Monique Baard
(Ronde 1)

Schoolwide PBS is een geïntegreerde, schoolbrede en preventieve aanpak, gericht op alle leerlingen. Doel van de methodiek is om een veilig en positief schoolklimaat te creëren dat alle leerlingen in staat stelt om optimaal te profiteren van het geboden onderwijs. Om dit te bereiken maakt PBS gebruik van een combinatie van ‘research based’ interventies en strategieën, gericht op het versterken van gewenst gedrag en op het voorkomen van probleemgedrag. Wanneer PBS op een school is geïmplementeerd, dan hebben de volwassenen in en om de school op basis van gemeenschappelijk gedragen waarden hun gedragsverwachtingen geëxpliciteerd en op elkaar afgestemd. Deze gezamenlijke verwachtingen leren zij de leerlingen systematisch aan waardoor de leerlingen beter weten wat er in en om school van hen wordt verwacht en de kans dat zij zich hiernaar gedragen toeneemt. Er ontstaat een veilig, voorspelbaar klimaat waarin positief gewenst gedrag systematisch wordt bekrachtigd en ongewenst gedrag eenduidig wordt omgebogen.

In deze interactieve workshop wordt inzicht gegeven in de basisprincipes van SWPBS. Deelnemers ervaren zelf wat de bouwstenen van dit systeem betekenen en hoe een implementatieproces binnen een school is opgebouwd. Daarnaast wordt aandacht besteed aan de sociale veiligheidsmodule binnen SWPBS die gericht is op preventie van pesten en het betrekken van leerlingen en ouders bij het bevorderen van een sociaal veilig school- en groepsklimaat.


Breek de stilte – Een kind met selectief mutisme in de klas
Workshopleider: Eustache Sollman
(Ronde 2)

Als een kind op school (bijna) niet praat, maar thuis wel, kan er sprake zijn van selectief mutisme. Maar wat is selectief mutisme precies? Wat komt er, behalve het niet praten, nog meer bij kijken? Hoe kunnen deze kinderen begeleid worden? Hoe ga je als leerkracht hier mee om? Wat moet je wel en wat kun je beter niet doen? Eustache Sollman bespreekt hoe je binnen een klassensituatie om kunt gaan met kinderen met selectief mutisme en wat je voor hen kunt betekenen. Bij kinderen met selectief mutisme speelt angst mee en dit vraagt een bepaalde, voorspelbare benadering van jou. De leerling heeft veel baat bij jouw begrip en duidelijkheid. Jij maakt het verschil!

Vanuit verschillende casussen wordt een combinatie van theorie en praktijk doorgenomen. De nadruk ligt op de dagelijkse praktijk binnen je klas en handelingstips die jou verder kunnen helpen bij het lesgeven aan kinderen met selectief mutisme.


Met plezier naar school
Workshopleider: Noëlle Pameijer
(Ronde 1)

Ouderbetrokkenheid wordt meestal belicht vanuit het perspectief van de school: wat kunnen teams doen om die betrokkenheid te vergroten? Deze workshop vertrekt vanuit een ander perspectief: dat van ouders. Wat kunnen zij doen om het onderwijs aan hun kind te ondersteunen? En hoe kunnen scholen ouders hierin meenemen?
Positief samenwerken: communicatie is de sleutel! Handelingsgericht werken is het kader, hoe bevordert deze methodiek ouderbetrokkenheid?

  • Deze workshop gaat over:
    – Samenwerken in de basis: een goed begin is het halve werk! Do’s en don’ts door een schooljaar heen.
    – Als het moeilijk gaat: hoe voer je dan constructieve gesprekken? Tien concrete aandachtspunten voor scholen én ouders.
    – Hoe je leerlingen kunt betrekken in de gesprekken met ouders.
    – Praktische tips die je meteen kunt toepassen in je gesprekken met ouders.

Samenwerken aan onderwijsverbetering
Verandermanagement lessen uit de praktijk
Workshopleiders: Tjip de Jong en Martin Ooijevaar
(Ronde 1)

In deze workshop presenteren we de meest gemaakte valkuilen in het werken aan onderwijsverbetering. Dit doen we op basis van een langdurig samenwerkingsproject binnen SKO West Friesland. Op basis van deze valkuilen reiken we deelnemers handvatten aan hoe zelf een verandermanagement methodiek te ontwikkelen. Kernthema’s die voorbijkomen is het belang van een gedragen visie, dagelijkse werkwijze, rol van leiderschap, belang van vertraging (reflectie) en noodzaak van continue monitoring. Ook laten we een aantal communicatie strategieën zien waarvan wij denken dat ze een positieve impact hebben op de professionele cultuur, verbinding en saamhorigheid binnen een gemeenschap van scholen. We presenteren bovendien een toepasbaar zelfevaluatie model wat direct toe te passen is voor schoolleiders, bestuurders, intern begeleiders en leerkrachten die werken aan verbeter initiatieven gericht op lezen, rekenen en schrijven in het primair onderwijs.


TOS in de klas
Workshopleider: Sharon Martens
(Ronde 1)


Dyscalculie in de klas
Dyscalculie bestaat niet?
Workshopleider: Tineke Valentijn-Volkers
(Ronde 1)

Dyslexie is op de basisschool inmiddels goed ingeburgerd en op iedereens radar, maar hoeveel leerlingen ken jij op school met dyscalculie? Bestaat het eigenlijk wel? En zo ja, hoe kun je het herkennen? Wat kun je zelf in de klas doen om kinderen te ondersteunen en welke stappen moet je nemen voordat een leerling kan worden doorverwezen voor onderzoek?


De intern begeleider als kwaliteitscoördinator
Landelijke ontwikkelingen in het licht van versterking onderwijskwaliteit
Workshopleider: Francis van Haandel & Linda van Druijten
(Ronde 1)

Internationaal vergelijkend onderzoek versus de staat van het onderwijs op dit moment in Nederland, gekoppeld aan de zin en onzin van huidig aangeboden onderwijs. Welke kansen liggen er en welke uitdagingen komen we tegen in de samenwerking op de scholen, in de teams? Het gezamenlijk denken en werken vanuit drie domeinen geeft verscherpte focus op onderwijskwaliteit. Informatie over de drie domeinen: ‘focus op het leren van alle leerlingen, alsook teamleden’, ‘data en reflectie op ons handelen, wat zegt de data en wat is de volgende stap?’, ‘regie op de ondersteuning en zorg in de school, gekoppeld aan de vernieuwde rol van de intern begeleider als kwaliteitscoördinator’.


Zicht op differentiëren
Workshopleiders: Marieke van Geel & Trynke Keuning
(Ronde 2)

Hoe kun je als leraar goed omgaan met de verschillen in je klas? Wat zijn kenmerken van goede differentiatie? Waar zou je aan kunnen werken om je onderwijs nog beter af te stemmen?

Uit onderzoek weten we dat differentiëren niet iets is dat alleen tijdens de les gebeurt. Voor het afstemmen van het onderwijs op verschillen tussen leerlingen spelen vier fasen die niet los van elkaar gezien kunnen worden een rol: het voorbereiden van een periode, het voorbereiden van een les, het uitvoeren van de les en na afloop van die les het evalueren van zowel het proces als het product. Binnen elke fase zetten leraren verschillende vaardigheden in om hun onderwijs optimaal af te stemmen op verschillen tussen hun leerlingen, door vijf onderliggende principes voor differentiëren toe te passen: werk doelgericht, monitor voortdurend, daag uit, stem verwerking en instructie(s) af, en stimuleer zelfregulatie.

In deze workshop gaan we, na een korte introductie op deze vier fases en vijf principes, aan de slag met een aantal indicatoren uit het ADAPT-instrument (Assessing Differentiation in All Phases of Teaching). Je krijgt hiermee handvatten om individueel en samen met je collega’s in jullie eigen onderwijs gericht aan de slag te gaan met het versterken van de differentiatie.


Wijzer in Werkvormen
Workshopleiders: Femke Bosmans en Esther van der Knaap
(Ronde 2)

Werkvormen zijn de lijm van je lessen: ze verbinden. Niet alleen de lesstof, maar ook de leerlingen. Ze helpen kinderen samenwerken en leren, stimuleren de creativiteit, bieden afwisseling, motiveren, zorgen voor een fijne sfeer en ga zo maar door. Tenminste, als je ze bewust en weloverwogen inzet. In deze workshop starten we met een korte theoretische onderbouwing, gaan we aan de slag met diverse werkvormen, en ga je plannen welke werkvormen je in je komende lessen bewust in gaat zetten.
Voor deze laatste activiteit is het handig wanneer je je weekplanning en een aantal lesdoelen voor die week meeneemt, zodat je concreet aan de slag kunt.


Scholen op scherp
Workshopleider: Kees van Overveld
(Ronde 1)

Deze workshop is gebaseerd op het nieuwe boek van Kees van Overveld en heeft de vorm van een interactieve lezing. De jeugdcriminaliteit daalt volgens allerlei onderzoeksrapporten al jaren. Tegelijkertijd zien professionals (wijkagenten, jeugdwerkers, leraren) dat bepaalde problemen in de praktijk toenemen: afpersing, bedreiging, wapenbezit en wapengebruik. Het rondhangen op het pleintje in de buurt wordt vervangen door het bezoeken van allerlei online hangplekken, buiten het zicht van de volwassene. De online verwikkelingen leiden vaak weer tot offline confrontaties met veel excessief geweld. Wat is hier aan de hand? Klopt het dat daders en slachtoffers steeds jonger worden? Waarom dragen kinderen en jongeren wapens? Zijn er oplossingen?

Kees van Overveld zal in de lezing ingaan op bovenstaande punten. Er zal zeker ruimte zijn om met elkaar in gesprek te gaan. Deze workshop is nadrukkelijk bedoeld voor alle leraren die werken met kinderen in de leeftijd van 4-18 jaar.


Bekijk hier de locatie!